
Wetboek van Militair Strafrecht
Artikel 107
[1.] Met gevangenisstraf van ten hoogste drie jaren of geldboete van de vierde categorie wordt gestraft de militair die zich opzettelijk aan een bijzondere verplichting betreffende de waakzaamheid of veiligheid onttrekt of zich opzettelijk daarvoor ongeschikt maakt of laat maken, indien als rechtstreeks en onmiddellijk gevolg daarvan schade ontstaat aan of te duchten is voor de bestrijding van gemeen gevaar voor personen of goederen, de gereedheid tot het daadwerkelijke uitvoeren van een operatie of oefening van enig onderdeel van de krijgsmacht, dan wel de veiligheid.
[2.] Indien het feit wordt gepleegd in tijd van oorlog wordt gevangenisstraf van ten hoogste tien jaren of geldboete van de vijfde categorie opgelegd.
[3.] Indien het feit wordt gepleegd op een door de vijand aangevallen of met aanval bedreigde plaats, dan wel op een voor de oorlogvoering essentiƫle plaats, wordt de schuldige gestraft met levenslange gevangenisstraf of tijdelijke van ten hoogste twintig jaren of geldboete van de vijfde categorie.
Jurisprudentie bij dit artikel
- Hieronder wordt een selectie van de bijbehorende jurisprudentie getoond.
-
LJN AQ9886, Hoger beroep, 21-001478-04
Rechtsoort
Straf
Datum uitspraak
08-09-2004
Status
gepubliceerd
Soort procedure
Hoger beroep
Instantie
gepubliceerd
Rechtsoort
Gerechtshof ArnhemUitspraak in de strafzaken tegen de twee mariniers, die op 15 augustus 2003 tijdens hun wachtdienst in slaap zijn gevallen in "Camp Smitty" te As Samaha in Irak. Naar oordeel van het hof is er geen sprake van de strafverzwarende omstandigheid "in tijd van oorlog" en is het feit niet opzettelijk begaan.